Ik zeg nog geen ‘jij’ tegen u

IKEA zegt 'jij' tegen zijn klanten

IKEA zegt (natuurlijk) ‘jij’

Het is een van de eerste vragen die opkomen bij een schrijfopdracht voor een nieuwe website: Spreken we de lezer aan met ‘jij’ of met ‘u’? Er is duidelijk een verschuiving gaande van het beleefde ‘u ‘ naar het meer informele ‘jij’. ‘Doe maar gewoon, “jij” is goed genoeg.’ Toch houd ik het hier voorlopig nog bij ‘u ‘.

De keus tussen de twee aanspreekvormen heeft te maken met wie de toehoorder is, maar ook met wie de spreker is (of wil zijn). Het ligt voor de hand dat een consumentenmerk als IKEA consequent in de jij-vorm spreekt. IKEA is laagdrempelig, gezellig, makkelijk in de omgang. De ANWB zit daar niet zo ver van af in zijn positionering. Maar op de ANWB-site lopen ‘jij’ en ‘u ‘ genoeglijk door elkaar. Enerzijds:

ANWB Driving Experience, een zinderende zomerdag
(…)
Want je gaat slippen, remmen en uitwijken op nat wegdek. Een achterwielslip corrigeren, rijden op een gladde/natte rotonde en leert wat je moet doen bij onder- en overstuur.

Maar ook:

Waar moet u op letten bij het aanschaffen van een goede wandelschoen?

Het eerste voorbeeld is wervend (al is dat geen excuus voor de kromme tweede zin). Dat verklaart wellicht ook de Engelse kop.  Het tweede voorbeeld is informatief. Dat verklaart het verschil. De ANWB komt vanuit een positie als bedaarde autoriteit en verjongt zich tot een gezellige kameraad met wie je wel een slipje wilt wagen. Het zou me niet verbazen als de ANWB over vijf jaar ook helemaal op de jij-toer is. (Memo aan mezelf: september 2017 – Controleer aanspreekvorm ANWB.)

Oude gewoontes slijten langzaam

Of iemand zich comfortabel voelt bij de ene of de andere aanspreekvorm, wordt ook bepaald door cultuur en gewoonte. Ik was een tijdje geleden met mijn moeder (toen 86) in een museumcafé. Achter de balie stond een jonge vrouw, waarschijnlijk een bijklussende studente, die ik zonder nadenken met ‘je’ aansprak. Ze had daar ook duidelijk geen probleem mee. Maar het viel me op dat mijn moeder heel beleefd aan haar vroeg, ‘Heeft u misschien ook een glas water voor mij?’ Ze zou er niet over piekeren om ‘je’ te zeggen – al kon de aangesprokene met gemak haar kleindochter zijn.


Waarom ‘u’ op deze site? Ik heb geen enkele klant die ik niet, in levenden lijve, aan de telefoon of in een mail, met ‘jij’ aanspreek. Maar die mensen ken ik. U ken ik niet. U zou een van mijn klanten kunnen zijn, maar dat kan ik niet weten. U kunt ook een belangstellende zijn die om een heel andere reden op deze pagina belandt. Ik ga graag plezierig, gezellig, makkelijk met u om, maar ik wil ook mijn respect tonen en laten zien dat ik mijn plaats weet. Als we elkaar tegenkomen, gaan we al gauw je-en-jij-zeggen. Als u op deze blog reageert, heb ik er geen moeite mee als u me met ‘je’ aanspreekt. Maar zo lang ik niet weet wie ik voor me heb, bent u een ‘u’. (Memo aan mezelf: september 2017 – Controleer aanspreekvorm Aton tekst.)

Tags: , , , , ,
Geplaatst in: Gelezen en gezien, Taal | Reacties: 1 reactie

1 reactie op “Ik zeg nog geen ‘jij’ tegen u”

  1. henk coppens zegt:

    de zin “ikheb geen enkele klant…”is tweemaal negatief. ik vond het moeilijk om te lezen. ik denk dat je iedere klant met jij aanspreekt, alleen ik moest er toch even over nadenken.
    groet
    Henk

Reageer

Om spam te voorkomen, worden alle reacties gescreend voordat ze op de blog verschijnen. Stuur je reactie niet voor de tweede keer in: hij verschijnt zodra hij gelezen is.

-------

Aton nieuws

Gemakkelijk: nieuwe berichten automatisch in uw inbox! Vul hieronder uw gegevens in: